Wanneer ouders hun kind financieel ondersteunen, gebeurt dat vaak uit vertrouwen en zonder stil te staan bij de gevolgen van een toekomstige echtscheiding. Maar wat als het huwelijk van het kind strandt en de ouder het geld terug wil, niet alleen van het eigen kind maar ook van diens (ex)partner? Over die vraag oordeelde de Rechtbank Midden-Nederland op 2 september 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:6298). Een vader vorderde na de echtscheiding ruim € 190.000,00 terug van zowel zijn zoon als zijn schoondochter.
Wie de feiten van deze zaak leest, kan zich moeilijk aan de indruk onttrekken dat hier sprake is van een ‘een-tweetje’ tussen vader en zoon. De overeenkomst waarop de vader zich beriep, was alleen door hemzelf en zijn zoon ondertekend. Volgens diezelfde overeenkomst was het geld bovendien uitsluitend voor de zoon bestemd. Toch sprak de vader ook zijn schoondochter aan. De zoon voerde in de procedure geen enkel verweer en erkende de vordering van zijn vader zonder meer. Het vermoeden ligt dan ook voor de hand dat vader en zoon de schoondochter via deze procedure wilden laten meebetalen aan een schuld die alleen de zoon was aangegaan. De rechtbank ging daar niet in mee. In dit artikel bespreken wij de uitspraak en wat ouders, kinderen en hun partners hiervan kunnen leren.
Wat speelde er in deze zaak?
In deze zaak heeft een vader – tijdens het huwelijk van zijn zoon – meerdere bedragen aan zijn zoon en schoondochter geschonken. Volgens de vader gaat het in totaal om een bedrag van € 193.383,00. De vader stelt dat hij deze bedragen heeft geschonken onder de voorwaarde dat de schenkingen omgezet zou worden in leningen als zijn zoon en schoondochter gaan scheiden. Het zou dus gaan om voorwaardelijke schenkingen onder de voorwaarde dat het totaal geschonken bedrag een opeisbare lening wordt bij een echtscheiding.
Om deze afspraken vast te leggen is in 2010 een overeenkomst opgesteld die is ondertekend door vader en zoon. De vader stelt – ondanks dat deze overeenkomst niet is ondertekend door de schoondochter – dat zij wist van het bestaan van deze afspraak.
Als de zoon en schoondochter gaan scheiden, wil vader de gedane schenkingen terugontvangen van beiden. De vader beroept zich op nakoming van de overeenkomst en op ongerechtvaardigde verrijking. Hij is van mening dat beiden moeten zorgdragen voor terugbetaling.
Hoe oordeelt de rechter in deze zaak?
Vordering van vader jegens schoondochter
De rechtbank wijst de vordering op grond van nakoming van de overeenkomst af, aangezien niet is vast komen te staan dat de schoondochter partij is bij de overeenkomst. Zij heeft de overeenkomst niet ondertekend noch heeft zij zich op een andere wijze verbonden tot terugbetaling van de schenkingen. Een belangrijk uitgangspunt in het Nederlandse contractenrecht is dat alleen degenen die partij zijn bij een overeenkomst, aan die overeenkomst zijn gebonden. Als iemand een overeenkomst niet heeft ondertekend en niet blijkt dat hij/zij hiermee heeft ingestemd, kunnen daar in beginsel geen verplichtingen uit voortvloeien.
De rechtbank overweegt ook nog dat – zelfs als vast was komen te staan dat de schoondochter wél partij is bij de overeenkomst – het beroep op nakoming van de overeenkomst niet slaagt. In de overeenkomst staat namelijk een uitsluitingsclausule. Bij schenkingen van ouders aan hun kinderen wordt vaak een uitsluitingsclausule opgenomen. Daarmee wordt voorkomen dat de echtgenoot van het kind bij een echtscheiding aanspraak kan maken op de geschonken gelden. Dit betekent in deze zaak dat de geschonken/geleende goederen buiten de gemeenschap van goederen van de zoon en schoondochter vallen en komen alleen aan de zoon toe. De geldbedragen zijn dus nooit aan de schoondochter geschonken/geleend, maar alleen aan de zoon. Dit betekent dat deze bedragen ook niet van de schoondochter kunnen worden teruggevorderd. Daarmee strandt ook het vermoedelijke een-tweetje tussen vader en zoon: de rechtbank liet niet toe dat de schoondochter via deze omweg alsnog zou meebetalen aan een schuld van haar ex-echtgenoot.
Daarnaast beroept de vader zich op ongerechtvaardigde verrijking. Ook deze vordering wijst de rechtbank af. Van ongerechtvaardigde verrijking zou sprake zijn als de schoondochter is verrijkt ten koste van de vader, zonder juridische rechtvaardiging. Uit de stukken blijkt dat uitdrukkelijk is bedongen dat sprake is van schenkingen en/of leningen van vader aan zoon, die bovendien buiten de huwelijksgemeenschap van de zoon en schoondochter blijven. Vader heeft enkel afspraken met de zoon gemaakt en heeft dus een vordering op hem ter hoogte van de door de vader aan de zoon betaalde bedragen. De schoondochter is dus niet verrijkt ten koste van de vader.
Vordering van vader jegens zoon
Vader vordert dat de zoon een bedrag van € 193.383,00 aan hem moet betalen. Tegen de zoon is verstek verleend. Dit betekent dat de zoon zich niet heeft gemeld in deze procedure en dus ook geen verweer heeft gevoerd. Bij verstek oordeelt de rechtbank of de vordering onrechtmatig of ongegrond is. Als dit niet het geval is, wordt de vordering toegewezen.
Aangezien uit de stukken blijkt dat de zoon de vordering erkent, oordeelt de rechtbank dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond is en wordt de vordering van de vader jegens de zoon toegewezen.
Proceskosten
Ook dienen de vader en de zoon aanzienlijke proceskosten te betalen. De vader is in de vordering jegens de schoondochter, in het grootste deel in het ongelijk gesteld en moet de proceskosten van de schoondochter betalen. Deze worden begroot op € 6.052,00. De vader is in overwegende mate in het gelijk gesteld in de vordering jegens zijn zoon. Daarom moet de zoon een bedrag van € 5.954,74 aan zijn vader betalen, zijnde zijn proceskosten
Aanbevelingen
Deze uitspraak levert belangrijke inzichten op voor ouders die hun kinderen financieel ondersteunen:
- Leg schriftelijk vast wie de partijen zijn. Als het de bedoeling is dat zowel het kind als diens partner aansprakelijk zijn, moet dit expliciet in de overeenkomst worden benoemd en door alle betrokken partijen worden ondertekend.
- Leg schriftelijk vast of er sprake is van een schenking of een lening. Omschrijf dit duidelijk.
- Denk goed na over een uitsluitingsclausule. Een uitsluitingsclausule biedt bescherming bij een echtscheiding, maar kan later ook beperkingen opleveren voor de ouder die het geld wil terugvorderen. Maak onderscheid tussen een schenking en een lening.
- Zorg voor een goede administratie. Bewaar overeenkomsten, betalingsbewijzen en correspondentie. Bij een geschil zijn deze stukken vaak doorslaggevend.
- Reageer als je in een procedure wordt betrokken.
.
De zoon verscheen niet in de procedure en heeft hierdoor geen verweer kunnen voeren. Wie niet in een procedure verschijnt, loopt het risico dat de rechter de vordering toewijst.
Conclusie
Deze zaak laat zien hoe belangrijk het is wat partijen in 2010 precies schriftelijk hebben vastgelegd. Als er binnen een familie bedragen worden geschonken of geleend, is een duidelijke vastlegging van deze afspraken belangrijk. Om te beoordelen welke feiten in een dergelijke situatie belangrijk zijn, is het aan te raden om hierbij juridisch advies van een in het familierecht gespecialiseerde advocaat in te winnen.
Bij SPEE advocaten & mediation hebben wij ruime ervaring in het familierecht. Wij begeleiden cliënten in Maastricht en daarbuiten met deskundig en betrokken advies. Heeft u vragen over het schenken of lenen van bedragen of wilt u weten wat deze uitspraak voor uw situatie kan betekenen, neem dan gerust contact met ons op.
mr. Patty M.J. Wetzels, advocaat