Een analyse van de rol van redelijkheid en billijkheid bij de afwikkeling van een nalatenschap.
Wat gebeurt er wanneer een erflater zijn uiterste wil wel duidelijk heeft vastgelegd, maar het testament nét niet tijdig notarieel is gepasseerd? Het erfrecht kent strikte vormvereisten die de rechtszekerheid dienen, maar wat als diezelfde regels leiden tot een uitkomst die wringt met wat de erflater onmiskenbaar heeft gewild? De spanning tussen formele eisen en materiële rechtvaardigheid komt in een recente uitspraak van de rechtbank Gelderland van 12 februari 2025 (ECLI:NL:RBGEL:2025:1077) scherp aan het licht.
In voornoemde uitspraak van de rechtbank Gelderland wordt bevestigd dat een concept-testament onder uitzonderlijke omstandigheden toch doorslaggevend kan zijn voor de erfopvolging. In dit artikel wordt ingegaan op de vraag wanneer een concept-testament betekenis kan krijgen en welke rol de redelijkheid en billijkheid daarbij speelt.
Wanneer kan een concept-testament doorslaggevend zijn voor de erfopvolging?
Iemand die over zijn nalatenschap wil beschikken, dient deze uiterste wil op te nemen in een testament. Is er geen testament opgemaakt, dan dienen de wettelijke regels binnen het zogeheten “versterferfrecht” te worden gevolgd.
Een testament is in beginsel alleen geldig indien er sprake is van een notariële akte ingevolge artikel 4:109 BW (of een onderhandse akte die bij de notaris in bewaring wordt gegeven conform artikel 4:94 BW en 4:97 BW). Onderdelen van de geldigheid van het testament betreffen onder andere de ondertekening van de erflater (artikel 4:109 lid 1 BW) en de notaris (artikel 4:109 lid 2).
Dit systeem biedt rechtszekerheid, maar in de rechtspraak komt het weleens voor dat de vereisten van de notariële akte terzijde te worden geschoven met een beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid. In de voor dit artikel te bespreken uitspraak van de rechtbank Gelderland was dit opnieuw het geval.
De zaak betrof de nalatenschap van een erflater die ten tijde van zijn overlijden een affectieve relatie had met eiseres en voornemens was met haar te trouwen. Erflater had in 2023 bij een notaris het initiatief genomen tot het opstellen van een testament waarin eiseres als enig erfgenaam werd aangewezen. De notaris heeft daartoe een conceptakte opgesteld, die erflater in maart 2024 van correcties en parafen heeft voorzien en aan de notaris heeft geretourneerd met het verzoek deze gereed te maken voor ondertekening. Kort vóór het geplande huwelijk is erflater echter onverwacht overleden, zonder dat het testament door erflater was ondertekend en daarmee notarieel was gepasseerd. De erfgenamen op grond van het versterferfrecht hadden de nalatenschap verworpen, waarna een vereffenaar werd benoemd. Eiseres vorderde vervolgens een verklaring voor recht dat de erfopvolging niet volgens het versterferfrecht, maar overeenkomstig het concept-testament uit 2024 diende plaats te vinden.
De rechtbank overwoog hier dat, hoewel het concept-testament niet voldeed aan de wettelijke vormvereisten en derhalve geen notariële akte betrof, het onder de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was om de nalatenschap volgens het versterferfrecht af te wikkelen. Daarbij achtte de rechtbank doorslaggevend dat voldoende vaststond dat het concept-testament de werkelijke en definitieve uiterste wil van de erflater correct weergaf en dat hij dit testament zou hebben laten passeren indien hij niet onverwacht was overleden. Dit werd ook nog ter zitting door de betreffende notaris bevestigd.
Om die reden diende de erfopvolging volgens de rechtbank plaats te vinden overeenkomstig het concept-testament en niet op grond van het versterferfrecht.
De volledige uitspraak leest u hier.
Deze uitspraak laat zien dat een concept-testament in bepaalde gevallen betekenis kan hebben voor de afwikkeling van een nalatenschap.
Praktische aandachtspunten voor de praktijk
Het komt voor dat iemand wel een concept-testament heeft laten opstellen, maar dit nooit definitief bij de notaris heeft ondertekend. Aan zo’n concept-testament komen in beginsel geen rechtsgevolgen toe. Als er geen notarieel gepasseerd testament is, wordt de nalatenschap verdeeld volgens het versterferfrecht en slechts in uitzonderlijke gevallen kan een concept-testament toch een rol spelen. Het is daarom belangrijk om een testament tijdig te formaliseren anders bestaat het risico dat de nalatenschap anders wordt verdeeld dan bedoeld.
Daarnaast verdient het aanbeveling om het wilsproces goed te documenteren, bijvoorbeeld door concepten van het testament en correspondentie daarover te bewaren. Ook de rol van de notaris is van groot belang: verklaringen over de totstandkoming en inhoud van een concept-testament kunnen later doorslaggevend zijn.
Tot slot geldt dat rechters slechts zeer terughoudend afwijken van het wettelijke versterferfrecht indien er een beroep wordt gedaan op de rechtsgevolgen van een concept-testament. Een uitspraak waarin toch gewicht wordt toegekend aan een concept-testament betreft een uitzondering en geen regel. Het is daarom in een voorkomend geval heel belangrijk om zoveel mogelijk informatie te verzamelen rondom de omstandigheden waaronder een concept testament tot stand is gekomen. Het zijn immers de omstandigheden van het geval die maatgevend zijn voor de waarde die aan een concept testament kan worden toekend.
Heeft u vragen over (concept-)testamenten? Neem contact op met de erfrechtadvocaten van SPEE advocaten & mediation. Zij zijn gespecialiseerd in het erfrecht en adviseren u graag over uw rechten en plichten.