Trouble in the kitchen: welke bewijskracht hebben documenten?

De aanschaf van een keuken, wie kent het niet? Bij een aankoop die uiteindelijk het gerechtshof in Den Bosch haalde, ging zo ongeveer alles mis. In de juridische discussie die tussen koper en verkoper ontstond, neemt de kopie van de opleveringsbon een centrale rol in. Want: klopt het wel wat daarop staat? En wie moet wat bewijzen?

Feiten

De consument kocht voor € 16.000 een keuken van het merk Miton. Dit bedrag werd volledig betaald. Helaas blijkt bij levering dat de keukenkasten groter zijn dan het keukenblad. Hierna zijn de kasten 4,5 centimeter ingekort. Er is ook iets mis met het veersysteem van de greeploze deuren. En om de ramp compleet te maken: de keuken blijkt niet eens van het merk Miton te zijn, maar van het merk Aran. Maar volgens de verkoper is er na het sluiten van de koopovereenkomst afgesproken om een Aran-keuken in plaats van een Miton-keuken te leveren. Om dit te bewijzen, komt verkoper op de proppen met een opleveringsbon zonder datum.

Op de opleveringsbon heeft koper met de hand geschreven “greepjes ontvangen”. Er is ook op de bon getypt: “CONFORM MONDELINGE OVEREENKOMST KEUKEN ZOALS NU GELEVERD GEACCEPTEERD (ARAN CUCINE SERIE LAB13)”. Hoewel het vaststaat dat de originele bon door koper is ondertekend, stelt koper dat de getypte tekst pas na ondertekening door verkoper op de bon is gezet. De keukenfirma betwist dit en stelt dat de tekst wel degelijk al op de bon stond toen koper de handtekening zette; kortom: de koper zou uitdrukkelijk akkoord zijn gegaan met de Aran-keuken en daarmee is de kous af.

Oordeel van de Geschillencommissie Wonen

De koper stapt naar de Geschillencommissie Wonen: hij wil dat de koopovereenkomst wordt ontbonden: de keuken moet worden verwijderd. Maar koper vangt bot in het bindend advies van de Geschillencommissie, gelet op de ondertekende opleveringsbon.

Uitspraak van het gerechtshof

Koper laat het er niet bij zitten en de zaak belandt uiteindelijk in hoger beroep bij het gerechtshof in Den Bosch. Het hof oordeelt anders dan Geschillencommissie: de gebondenheid aan het bindend advies van de Geschillencommissie is namelijk in de gegeven omstandigheden ‘naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar’. Dit gezien de wijze van totstandkoming van het advies en de inhoud daarvan. Het hof geeft dit oordeel omdat de Geschillencommissie ten onrechte in het geheel geen acht heeft geslagen op het betoog van koper dat hij bij gelegenheid van ondertekening van de opleveringsbon geen afschrift van de bon heeft ontvangen, en dat hij pas maanden later (via zijn advocaat) een kopie van de bon heeft gekregen, toen er al een geschil was ontstaan.

Wie draagt de bewijslast?

Dan de vraag: wie moet er bewijzen of de opleveringsbon vals is? Volgens het hof is de opleveringsbon een zogenaamde akte. Dit is een ondertekend geschrift, dat bestemd is om tot bewijs te dienen. Deze akte levert tussen partijen dwingend bewijs op. Met andere woorden: in beginsel moet er vanuit worden gegaan dat de tekst van de bon juist is. In dat geval is de koper dus akkoord gegaan met de geplaatste Aran-keuken. Echter, nu de koper tegenspreeekt dat de bon overeenkomt met het stuk dat door hem is ondertekend, is de hoofdregel dat koper moet bewijzen dat de bon vals is.

Maar nu komt een belangrijke “maar”: deze hoofdregel van dwingende bewijskracht van de inhoud van de bon geldt alleen als het origineel van deze akte beschikbaar is. De keukenfirma heeft geen originele opleveringsbon meer. De kopie van de opleveringsbon heeft op grond van de wet slechts vrije bewijskracht, geen dwingende bewijskracht. Met andere woorden: de rechter moet er niet in beginsel vanuit gaan dat de tekst op de bon juist is.

Het hof acht niet bewezen dat partijen hebben afgesproken dat een Aran-keuken in plaats van een Miton-keuken zou worden geleverd. Gelet op de vrije bewijskracht die toekomt aan de kopie van de opleveringsbon, bewijst de opleveringsbon niet dat partijen hun afspraken hebben veranderd. Immers, een kopie van een bon kan worden gemanipuleerd. Slotsom: de keukenfirma moet ruim € 15.000 terugbetalen en de keuken terugnemen.

De hele uitspraak kunt u hier lezen.

Ook vragen over koopovereenkomsten, akten, dwingende bewijskracht of vrije bewijskracht? De ervaren advocaten van team SPEE weten raad!

SPEE advocaten & mediation Maastricht