Search
Close this search box.
19 mei 2022 Concurrentiebeding bij gevoelige en gedetailleerde bedrijfsinformatie

Het concurrentiebeding in de arbeidsovereenkomst is en blijft voer voor juristen. Deze week bespreken een zaak waarin de werknemer in kort geding schorsing van het concurrentiebeding vordert, omdat zijn werkgever zijn (inhoudelijke en financiële) ontwikkeling zou tegenhouden. Werkgever voert echter aan dat deze werknemer zeer veel kennis en informatie heeft, die hij bij zijn nieuwe werkgever kan inzetten.

Introductie

Regelmatig publiceren wij over het concurrentiebeding, aangezien dit onderwerp veel voorkomt in zaken bij de kantonrechter. Artikel 7:653 lid 3 BW geeft de rechter namelijk de mogelijkheid om een concurrentiebeding geheel of gedeeltelijk te vernietigen indien, in verhouding tot het te beschermen belang van de werkgever, de werknemer door dat beding onbillijk wordt benadeeld. Als dat zo is, dan kan er aanleiding zijn om het concurrentiebeding in kort geding geheel of gedeeltelijk te schorsen. Dat betekent dat de rechter een afweging moet maken tussen het belang van werkgever en dat van werknemer.

Over de verhuizing van de werkgever: SPEE advocaten & mediation | Uitleg geografisch bereik concurrentiebeding bij verhuizing werkgever.

Geldigheid van het concurrentiebeding bij opvolgende werkgeverschap: SPEE advocaten & mediation | Concurrentiebeding en opvolgend werkgeverschap.

Over onbillijke benadeling van de werkgever: SPEE advocaten & mediation | Concurrentiebeding: onbillijke benadeling werknemer.

Feiten

Deze week gaat het om een werknemer (43 jaar) van Brightsight, een bedrijf in cybersecurity.
Werknemer is sinds 1 september 2013 in dienst. In 2016 werd hij bevorderd naar een andere functie en per 1 januari 2020 kreeg hij wederom een andere functie. Die laatste functiewijziging is door Brightside bevestigd op 7 februari 2020. Werknemer kreeg toen ook een nieuw concurrentiebeding voorgelegd, dat hij tekende op 6 januari 2021.

Wat hierop volgde was een discussie over het ongenoegen van de werknemer over zijn beloning bij Brightsight. Uiteindelijk solliciteerde werknemer bij een andere werkgever, Riscure, waar hij in dienst wilde treden. Het concurrentiebeding van werknemer was daarvoor een obstakel, aangezien Brightsight de werknemer daaraan wilde houden. Er werd onderhandeld, maar dat leverde geen resultaat op.

Argumenten van de werknemer

Werknemer start daarom een procedure bij de kantonrechter, waarin hij vordert om het concurrentiebeding te schorsen en de boete op overtreding van het beding te matigen. De argumenten van werknemer? Hij wordt door het concurrentiebeding in belangrijke mate belemmerd om buiten Brightsight werkzaam te zijn; het concurrentiebeding mag niet worden ingezet om personeel vast te houden maar dat gebeurt nu wel.

Werknemer geeft aan dat hij de afgelopen jaren door zijn werkgever is belemmerd in zijn ontwikkelingsmogelijkheden (ook inhoudelijk) en dat de salarisontwikkeling stagneert, ook al functioneert hij goed. Daarom voert de werknemer aan dat hij er behoorlijk op vooruit zou gaan bij Riscure, zowel inhoudelijk (meer kansen om zich te specialiseren) als qua beloning. Zijn belang dient dan ook zwaarder te wegen dan het belang van Brightsight, zo geeft werknemer aan.

Verweer van de werkgever

Brightsight voert verweer en betwist dat de werknemer belemmerd zou zijn in zijn carrièremogelijkheden. Ook geeft Brightsight aan dat zij wel degelijk actief is op de automotive markt, waarin de nieuwe werkgever ook actief is.

Bovendien geeft Brightsight aan dat het belang van werknemer bij de nieuwe baan niet zwaarder dient te wegen dan haar eigen belang. Daar komt bij dat deze werknemer de beschikking heeft over zeer gevoelige bedrijfsinformatie en gedetailleerde kennis van de producten, klanten en services van Brightsight. Daarom wil Brightsight voorkomen dat die informatie bij Riscure als nieuwe werkgever terechtkomt. Riscure begeeft zich namelijk op dezelfde markt als Brightsight en is een grote concurrent. Als de specifieke bedrijfsgevoelige kennis van Brightsight bij Riscure terechtkomt dan zal dit het bedrijfsdebiet van Brightsight op onaanvaardbare wijze raken en dit zou zeer schadelijk voor Brightsight zijn. Het zou Riscure ook een ongerechtvaardigd concurrentievoordeel opleveren.

Oordeel van de kantonrechter

Om met de deur in huis te vallen: de kantonrechter is het met Brightsight eens dat haar belang zwaarder dient te wegen dan dat van de werknemer. Brightsight heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat zij een zwaarwegend belang heeft bij de handhaving van het concurrentiebeding. Zij heeft aangevoerd dat deze werknemer beschikt over gedetailleerde kennis van de Brightsight-producten en services, prijsinformatie, opbouw van marges en specifieke leveringsvoorwaarden, hij weet welke business opportunity’s er bij bestaande en nieuwe klanten zijn en heeft deze ook uitgezet, hij is betrokken bij strategische beslissingen, is op de hoogte van marketingstrategieën, heeft kennis van productontwikkelingen en van de wijze waarop Brighsight haar klanten bedient.

Vaststaat dat Riscure zich niet alleen richt op automotive maar dat zij in de volle breedte van het werkterrein als concurrent van Brighsight is aan te merken. Daarom is Riscure ook met zoveel woorden in het concurrentiebeding genoemd. Niet aannemelijk is daarom dat de (algemene) kennis die werknemer over Brightsight heeft voor Riscure niet van belang zou kunnen zijn.

Tegenover het belang van Brighsight om haar bedrijfsdebiet te beschermen staat het belang van werknemer om een nieuwe wending aan zijn carrière te geven en zich bij Riscure volledig toe te leggen op automotive. Voldoende aannemelijk is dat de functie bij Riscure voor werknemer zowel inhoudelijk als financieel interessant is. Werknemer kan niet worden gevolgd in zijn stelling dat hij door Brightsight zodanig in zijn mogelijkheden wordt beperkt dat daarin een zwaarwegend belang is gelegen om te vertrekken. Vaststaat dat toen de positie van domeinhouder automotive vrij kwam deze aan werknemer is aangeboden en dat werknemer een cursus op dit terrein heeft kunnen volgen. Op grond van het hiervoor overwogene dient het belang van Brightsight bij de handhaving van het concurrentiebeding zwaarder te wegen dan het belang van werknemer om bij Riscure in dienst te treden.

De vorderingen van de werknemer worden dan ook afgewezen.

De uitspraak leest u hier.

Conclusie

Wij raden werkgevers aan om de nodige aandacht te besteden aan de formulering van het concurrentiebeding. Werknemers moeten zich natuurlijk goed realiseren wat zij tekenen. Het staat immers lang niet vast dat een kantonrechter altijd in het voordeel van de werknemer beslist, als het tot een procedure komt. SPEE advocaten & mediation help u graag verder bij vragen over dit onderwerp of over andere arbeidsrechtelijke thema’s.

SPEE advocaten & mediation Maastricht

Zoeken

Recente artikelen