Search
Close this search box.
8 mrt 2024 Aansprakelijkheid aannemer voor zaakschade van derden

De Hoge Raad heeft onlangs een opmerkelijke uitspraak gedaan in een zaak waarbij tijdens bouwwerkzaamheden schade was ontstaan aan een naastgelegen pand. De vraag in deze kwestie was in hoeverre zaakschade van derden door bouwwerkzaamheden een onrechtmatige daad van de aannemer kan opleveren in het geval de aannemer zowel bij de voorbereiding als de uitvoering van de werkzaamheden zorgvuldig heeft gehandeld.

Wat speelde hier?

Aan de eigenaar van een pand was een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een winkel met appartementen en een kelder. Deze eigenaar sloot met Multi een aannemingsovereenkomst voor het plaatsen van een zogenoemde afzinkkelder. Tijdens de werkzaamheden scheurde een deel van de kelderwand als gevolg van het raken van een obstakel in de bodem. Het obstakel werd door Multi gedeeltelijk verwijderd en er werden twee zogenoemde groutinjecties in de grond gedaan ter stabilisatie. Het afzinkproces werd daarna hervat. Vervolgens werd door de advocaat van de eigenaar van het naastgelegen pand gesommeerd om de werkzaamheden te staken omdat er die dag een etalageruit in dat pand was gesprongen en er sprake was van ernstige scheurvorming in het pand. Door Multi werd aan deze sommatie geen gehoor gegeven en de werkzaamheden werden voortgezet.

Door de eigenaar van het naastgelegen pand werd vervolgens een procedure gestart. Er werd een verklaring voor recht gevorderd dat Multi onrechtmatig had gehandeld met veroordeling van Multi om de geleden schade te vergoeden, nader op te maken bij staat.

Oordeel rechtbank en Hof

De vorderingen werden door de rechtbank afgewezen. In het hoger beroep dat daarop volgde werd het vonnis van de rechtbank door het hof bekrachtigd.

Volgens het hof is een gedraging niet reeds onrechtmatig wegens het enkele feit dat zaaksbeschadiging zich voordoet en een (voorzienbaar) gevolg is van die gedraging. Vereist is dat de gedragingen die hebben geleid tot de zaaksbeschadiging kunnen worden gekwalificeerd als in strijd met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Het is dan ook aan eisers om te stellen en zo nodig te bewijzen dat Multi een zorgvuldigheidsnorm heeft geschonden die zij jegens hen in acht had moeten nemen en dat zij als gevolg daarvan schade hebben geleden. Het hof kwam uiteindelijk tot de conclusie dat door Multi bij de uitvoering van haar werkzaamheden en ook bij de voorbereiding daarvan voldoende zorgvuldig had gehandeld, hetgeen betekende dat er geen sprake was van aansprakelijkheid van Multi op grond van art. 6:162 BW (onrechtmatige daad).

Oordeel Hoge Raad

In cassatie werd geklaagd tegen het oordeel van het hof dat een gedraging niet reeds onrechtmatig is vanwege het enkele feit dat zaaksbeschadiging zich voordoet en een (voorzienbaar) gevolg is van die gedraging. Dit oordeel van het hof zou getuigen van een onjuiste rechtsopvatting omdat in het algemeen, althans in gevallen waarin als gevolg van bouwwerkzaamheden (zaak)schade ontstaat in de omgeving, reeds de enkele beschadiging van het eigendom van een ander onzorgvuldig en dus onrechtmatig is, nu daarmee inbreuk wordt gemaakt op het recht op het volle en onaangetaste genot van het eigendom.

Deze klacht faalde volgens de Hoge Raad. Uit de wetsgeschiedenis van art. 6:162 BW blijkt dat van een inbreuk op een recht als bedoeld in art. 6:162 lid 2 BW niet reeds sprake is op grond van de enkele omstandigheid dat een gedraging letsel of zaaksbeschadiging als voorzienbaar gevolg heeft; een zodanige gedraging is in het algemeen alleen onrechtmatig als zij in strijd is met een norm van geschreven of ongeschreven recht die ertoe strekt letsel of zaaksbeschadiging te voorkomen.

Daarnaast werd geklaagd tegen het oordeel van het hof dat Multi bij de voorbereiding en uitvoering van de bouwwerkzaamheden niet in strijd heeft gehandeld met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Het hof zou hebben miskend dat Multi bij de uitvoering van bouwwerkzaamheden dient te voorkomen dat aan eigendommen van derden schade ontstaat. Deze (overkoepelende) zorgvuldigheidsverplichting zou met zich meebrengen dat wanneer bij de bouwwerkzaamheden van Multi, ondanks een zorgvuldige voorbereiding en uitvoering van die werkzaamheden, toch schade ontstaat aan de eigendommen van derden, Multi voor die schade aansprakelijk is.

Uit hetgeen het hof in zijn arrest had vastgesteld volgde dat aan de bouwwerkzaamheden van Multi een aanmerkelijk risico verbonden was dat aan het naastgelegen pand schade zou worden toegebracht, ook indien maatregelen ter voorkoming van schade werden getroffen en de werkzaamheden zorgvuldig werden uitgevoerd. Waar dit risico zich vervolgens heeft verwezenlijkt, kan dan niet zonder meer worden aanvaard dat eisers de daardoor veroorzaakte schade zelf dienen te dragen.

Hierbij is van belang dat de werkzaamheden in het belang van (de opdrachtgever van) Multi werden uitgevoerd en voor eisers geen voordeel opleverden, dat de schade van eisers niet zonder meer behoort tot hetgeen door een derde in het maatschappelijk verkeer moet worden geduld bij bouwwerkzaamheden van een ander, en dat het veeleer op de weg van Multi lag om zich tegen aansprakelijkheid voor het toebrengen van schade aan derden te verzekeren. Het uitvoeren van deze werkzaamheden door Multi met schade aan het naastgelegen pand tot gevolg, kan daarom een onrechtmatige daad opleveren die verplicht tot vergoeding van de schade die daarvan het gevolg is.
Het arrest van het Hof werd dan ook vernietigd.

Conclusie

Geconcludeerd kan worden dat in beginsel het verrichten van bouwwerkzaamheden niet onrechtmatig is tegenover derden die als gevolg daarvan zaakschade oplopen indien de aannemer zorgvuldig heeft gehandeld bij de voorbereiding en de uitvoering van de werkzaamheden. In deze kwestie was echter iets bijzonders aan de hand omdat hier een aanmerkelijk risico verbonden was aan de bouwwerkzaamheden, welk risico niet kon worden weggenomen door het treffen van maatregelen. Bovendien lijkt de schade (ernstige scheurvorming en verzakking van het naastgelegen pand) veel verder te gaan dan hetgeen een derde normaal gesproken heeft te dulden bij bouwwerkzaamheden van een ander.

Wilt u meer weten of heeft u vragen of advies nodig in een aansprakelijkheidskwestie? Neem dan gerust vrijblijvend contact op met een van onze advocaten. Wij zijn u graag van dienst!

SPEE advocaten & mediation Maastricht

Zoeken

Recente artikelen